Woede is een krachtige en een moeilijke emotie. Woede laat zien waar je pijn zit. Boosheid, woede, ruzie brengt schade. Schade aan de ander, schade aan jezelf. Het levert je niets op, integendeel. Je onderschat de negatieve effecten. Deze zijn pijnlijker en onoverkomelijker dan je denkt. Woede wekt woede op en die hoeft niet meteen zichtbaar te zijn. De ander hoeft woede niet naar buiten te brengen. Je verwijten, je harde oordelen brengen je verder van huis. Je ogenschijnlijke opluchting is van tijdelijke aard. Het is de start van een oorlog want je hebt de ander pijn gedaan en die wil – meteen of later – gerechtigheid. Door terug te slaan, door zich af te sluiten. Naar buiten gebrachte woede brengt schaamte of schuld. Onder je boosheid of woede zit teleurstelling, frustratie of pijn. Je wilt niet dat dat zichtbaar wordt en daarom word je boos. Dat is een (sociaal) geaccepteerde vorm om je negatieve emoties te tonen. De bijzonder grote uitdaging is om je boosheid vanbinnen te voelen maar niet naar de ander te uiten. Trek je terug uit de situatie en richt je naar binnen. Er is iets wat je pijn doet. De ander laat je slechts zien dat er pijn is maar is niet de oorzaak van je pijn. Door je naar binnen te richten en onderzoek te doen voorkom je schade.