Als je voelt dat je onvoldoende zelfvertrouwen hebt, kun je jezelf een paar vragen stellen. Weet je waar je kracht ligt, wat je kwaliteiten zijn, wat je echt kunt? En richt je daar je handel en wandel, je leven op in? Weet je waar je beperkingen liggen, welke kwaliteiten, vaardigheden je niet in huis hebt? En hou je daar rekening mee in je dagelijkse leven? Ben je daarover eerlijk naar jezelf? Naar de ander? Als je weet wat je kunt en wat je niet kunt en jezelf respecteert, focus je je op dat waar je kracht zit. En ben je eerlijk over dat wat er niet in zit. Je kunt je zelfvertrouwen ontwikkelen door met name die dingen te doen die aansluiten bij je (latente) kwaliteiten en ervaringen. Je weet dan waar je aan begint en je weet dat je het aankunt. Aansluiten bij wat je kunt wil niet zeggen dat je geen nieuwe, uitdagende dingen moet oppakken. Maar als je ze oppakt, realiseer je je waar je aan begint en voel je vanbinnen dat je weet wat je doet. En voel je aan dat datgene wat je oppakt door jou tot een goed einde kan worden gebracht. En je weet waar je de hulp, het advies van een ander voor nodig hebt. En je maakt daar (tijdig) gebruik van. Je ondermijnt je zelfvertrouwen als je aan dingen begint waarvan je weet dat ze niet bij je passen. Of als je je in een omgeving begeeft waarvan je weet dat die niet aansluit bij jouw waarden en normen. Je weet vanbinnen dat je je zelfvertrouwen aantast als je jezelf groter neerzet dan je in feite bent en dingen suggereert of belooft die je niet kunt waarmaken. Dat maakt onzeker. Wees tevreden met je kwaliteiten, benut die volledig en wees eerlijk in wat je niet kunt. Dat maakt dat je een betrouwbaar persoon bent. Dat schept vertrouwen bij de ander. En zorgt voor vertrouwen in jezelf.