Als je achterdochtig bent, betekent het dat je achter dat wat je met je ogen ziet, met je oren hoort, denkt dat er nog iets achter zit wat niet uitgesproken wordt. Je gelooft niet op voorhand wat je hoort en ziet. Achterdocht zegt ook iets over de mate waarin je jezelf vertrouwt. Een gezonde dosis achterdocht kan soms nuttig zijn. Het houdt je alert en scherp. Het voorkomt dat je in blind vertrouwen de verkeerde stappen zet, foutieve beslissingen neemt. Het zorgt ervoor dat je bewust en doordacht besluiten neemt. Als je te achterdochtig bent, blokkeert dit je in je handel en wandel. Het vertraagt en remt je spontaniteit. De ander voelt ook je achterdocht en voelt zich niet bij je op je gemak. Het is immers niet prettig om om te gaan met iemand die op zijn qui vive is. Gevoelens van argwaan hebben altijd een negatief effect op de ander. En op de sfeer. Het is niet plezierig als dat wat je zegt met aarzeling wordt bekeken of dat wat je vertelt met het nodige voorbehoud wordt ontvangen. Dat heeft gevolgen voor de interactie en kan het contact stroef maken. Als je nare ervaringen hebt opgedaan, kan dit je wantrouwen activeren. Het vertrouwen in jezelf heeft een knauw gekregen en mogelijk heb je onbewust de conclusie getrokken dat je niet per definitie op je eigen intuïtie en inzichten kunt vertrouwen. Dat een houding van wantrouwen nodig is om te voorkomen dat je opnieuw de fout in gaat. Je wantrouwen steekt dan de kop op als je in een complexe of nieuwe situatie zit, als je zaken niet begrijpt. De onzekerheid, geen grip op de situatie hebben, maakt je argwanend. Als je voelt dat je argwaan de kop opsteekt, stop deze dan niet voor jezelf weg. Realiseer je dat deze een kloof creëert tussen jou en de ander. En dat de ander deze mogelijk voelt. Bekijk jezelf en de situatie van een afstand. Is het reëel dat je in deze situatie wantrouwend bent? Is daar in het hier en nu reden toe? Heb je verbale of non-verbale signalen van de ander ontvangen waardoor je vanbinnen voelt dat de ander niet oprecht is, andere belangen of doelen heeft? Heb je intuïtief aangevoeld dat de ander iets voor jou (en mogelijk ook voor zichzelf) verborgen wil houden? Gun jezelf een realiteitstoets en gebruik je gevoel en verstand om te onderzoeken of je wantrouwen in deze specifieke situatie, in het hier en nu, met deze ander terecht is. Als het niet terecht is, betracht openheid. Als het wel terecht is, sta open met gepaste terughoudendheid.