Als je je rol vervult, je functie uitoefent, dan heeft dat altijd gevolgen voor de ander, voor de omgeving. Welk werk je ook doet, de ander verwacht – impliciet – dat je in je functie, in je rol bepaalde waarden hoog houdt. Omdat ze volgens de ander horen bij een verantwoorde vak- of functieuitoefening. Het is uitdagend om voor jezelf te formuleren voor welke waarden jij gaat. Voor welke waarden ga jij in je werk? Waar sta je voor, waar ga je voor, waar ben je op aanspreekbaar? Hoe kun je je waarden handen en voeten geven in je dagelijkse praktijk. Wat betekenen ze voor wat je doet? Wat betekenen ze voor wat je nalaat? Door uit te spreken waar je voor staat, ben je daar ook op aanspreekbaar. Je bekent kleur en je stelt jezelf doel- en welbewust voor een opgave. Door uit te spreken waar je voor staat, word je je bewust dat je een verantwoordelijkheid met je meedraagt. Door het uit te spreken zeg je indirect ook: ik sta open voor feedback. Ik wil aangesproken worden. Durf jij je waarden uit te spreken? Durf jij aan de ander aan te geven dat je er op aanspreekbaar bent?