Het fenomeen ‘participatiesamenleving’ staat in de belangstelling. En wordt door sommigen met de nodige argwaan en scepsis ontvangen. De participatiesamenleving houdt in dat iedereen zijn/haar eigen kwaliteiten, talenten en mogelijkheden – naar vermogen – inzet. Niet alleen voor zichzelf, maar ook voor het grotere geheel. In de familie, buurt, binnen sociaal-maatschappelijke organisaties etc. Daar is op zich niets mis mee. Er zijn wel aandachtspunten. De ‘doorontwikkeling’ van de participatiesamenleving kan alleen op gang komen als mensen weten dat ze iets bij te dragen hebben. Als ze van binnenuit voelen dat ze van waarde zijn. Er zijn mensen die niet (meer) in zichzelf geloven. Het is een uitdaging om mensen (weer opnieuw) te laten geloven in hun eigenwaarde. Alleen als mensen geloven dat ze wat te bieden hebben zijn ze ook in staat om te geven. Als mensen niet in zichzelf geloven kan de overheid roepen wat ze wil maar zij zullen niet in beweging komen. De meeste mensen zijn bereid om een ander te helpen. Die behoefte komt voort uit een natuurlijke behoefte om zinvol en waardevol te zijn. De meeste mensen willen hun solidariteit tonen. Maar niet met alles en iedereen. Solidair zijn mensen met degenen bij wie zij betrokken zijn, met wie zij zich verbonden voelen en/of met degenen met wie ze zich kunnen identificeren. Solidariteit, betrokkenheid, inzet komt van binnenuit. Het kan daarom nooit van buitenaf worden opgelegd, zo werkt het niet. Het kan alleen vanuit een innerlijke motivatie. Mensen zetten zich in omdat ze het willen, niet omdat het moet. Dat is maar goed ook. Want niets is onplezieriger dan iets te ontvangen van iemand die (het) eigenlijk niet wil geven. Mensen zetten zich in als ze zien en voelen waar hun inzet toe leidt. Als ze geloven dat wat ze doen zin heeft. Wil de overheid mensen bewegen om meer te geven dan zal duidelijk moeten worden wat dat geven ‘oplevert’. En zal ook duidelijk moeten worden gemaakt voor wat en wie de overheid zorg wil dragen. Want mensen hebben schroom om te helpen als ze denken dat wat nodig is door hen niet waargemaakt kan worden.