Wetten, regels, structuren, protocollen hebben tot doel om problemen te voorkomen en op te lossen. Ze geven orde in je leven. En dat is nodig om doelen te realiseren, om te presteren. En door orde krijg je helder (in)zicht op wat er in en buiten je speelt. Dat is waardevol. Elke regel, wet, structuur begrenst je ook. Van binnenuit zul je – op een gegeven moment – de behoefte hebben om ze daarom te overtreden. Niet omdat je doelbewust ’fout’ wilt zijn, maar omdat je denken niet van grenzen houdt. Het ‘benauwd krijgen’ treedt altijd op als je je wetten, regels, structuren, protocollen eigen hebt gemaakt. Dit is een natuurlijk proces. Je geest wil meer. Die wil nieuwe zaken ontdekken, uitproberen, toepassen. En dan gaat het knellen. Het is tegelijkertijd doodeng om wetten, regels, structuren die je altijd duidelijkheid hebben gegeven en bescherming hebben geboden naast je neer te leggen en op avontuur te gaan. Het is gebruikelijk dat je bang bent om los te gaan, over de schreef te gaan. Mogelijk ben je bang dat zinloosheid, doelloosheid optreedt. Dit is niet het geval. Omdat je voorbij je grenzen gaat, kom je in een nieuw gebied, waar je nieuwe dingen kunt leren. Je legt je oude leven niet af. Je neemt het vanbinnen mee. En je ervaringen tot nu toe worden verrijkt met nieuwe ervaringen. Wil je verder komen, dan zul je altijd de structuren die je ondersteuning hebben geboden los moeten laten. Dit gaat nooit zonder slag of stoot. Het vraagt vertrouwen in het proces dat je door structuren en dergelijke los te laten niet meteen afzakt, in de goot belandt of iets dergelijks, maar in een nieuwe werkelijkheid komt waar je op een nieuwe manier kunt voortbouwen op het fundament dat je al in je hebt.