Je staat aan het stuur van je eigen denken. Jij bepaalt welke gedachten binnenkomen en welke buiten moeten blijven. Als je je dat realiseert, ontwikkel je een enorme kracht. Je hebt positieve gedachten: liefde voor jezelf en voor de ander, gulheid, geduld, vergevingsgezindheid, zelfbeheersing, vertrouwen. Je hebt negatieve gedachten: zorgen maken, angstig zijn, je minderwaardig voelen, jaloers zijn etc. Je negatieve en positieve gedachten vormen je denken en doen. Die negatieve gedachten kunnen voor stress zorgen. Negatieve gedachten geven negatieve stress. Positieve gedachten reduceren stress. Als je doorhebt dat negatieve gedachten je energie pakken en je welzijn beïnvloeden, dan kun je leren die gedachten te vervangen door positieve gedachten. Je hebt zelf de negatieve gedachten ontwikkeld. En alles wat jezelf ontwikkeld hebt, kun je er ook weer uithalen. Als je je negatieve emoties koestert, heeft dat effect op al je levensterreinen, want die emoties tasten je brein aan. Je brein verandert van structuur als je negatieve gedachten vervangt door positieve. Als je brein ten goede verandert, heeft dit een gunstig effect op je (wel) zijn. Het is de vraag of je gelooft dat je zelf je brein kunt beïnvloeden. Het is de vraag of je kunt geloven dat je je gezondheid kunt beïnvloeden door je brein te veranderen. Als je dit kunt geloven, dan werkt het.