Door een vraag te stellen geef je aan dat je de ander wilt begrijpen. Je kunt een vraag stellen om de ander zijn/haar gedrag te begrijpen of om iets te leren. Of omdat dat wat de ander vertelt niet duidelijk voor je is. Door vragen te stellen stimuleer je de ander om dat wat hij/zij zegt te verduidelijken. En daarmee help je de ander ook om helder te krijgen wat hij/zij wil overbrengen. Door het stellen van een vraag kun je de interactie met de ander verbeteren. Maar wat wil je bereiken met je vraag? Is de vraag bedoeld om duidelijkheid te krijgen? Of stel je de vraag om te laten zien hoe slim je bent, hoe assertief je bent? Of is je vraag geen vraag maar een mening? Of stel je een vraag om de ander door de mand te laten vallen? Als je merkt dat je antwoorden niet “aankomen” dan is het goed om te weten wat de motieven zijn van de vragensteller. Dan kun je gerichter antwoord geven en bereikt je antwoord de vragensteller. Komt de vraag voort uit (emotionele) betrokkenheid bij het thema? Of ziet de vragensteller een kans om zichzelf op de kaart te zetten? Mogelijk komt een vraag voort uit persoonlijke ervaringen? Ook is het interessant om te weten hoe de vraag tot stand is gekomen. Is er al voorkennis? Of is er juist onwetendheid? Of komt de vraag voort uit een vermoeden over jou of over het issue? Als je weet hoe de vraag tot stand is gekomen, wat de aanleiding, de bron is geeft dat informatie die je kunt benutten om een duidelijk, gericht antwoord te geven. Je neemt dan in feite de vraag achter de vraag, de verborgen dimensie mee in je antwoord. Je weet de persoonlijke agenda en kunt dan afgestemd reageren.