Ieder mens kent het: je maakt in je leven iets mee wat je overweldigt en je kunt daar niet mee omgaan. Je hebt geen kennis en vaardigheden om het te hanteren. In zo’n situatie trek je je terug uit de situatie en ontkoppelt je lichaam zich van je geest. Je beschermt in feite jezelf door niet te voelen wat er is. Doordat je er niet helemaal bij bent, ervaar je de bedreigde situatie minder scherp. Je onttrekt jezelf aan de situatie.  Misschien heb je het je kinderen ook wel geleerd: denk aan iets anders als je het moeilijk hebt. Door je gedachten naar iets anders te verplaatsen, voel je de pijn en verdriet minder, en is de situatie makkelijker te dragen. Op dat moment een ogenschijnlijk prima manier om de situatie aan te kunnen. Maar elke keer dat je jezelf ontkoppelt, verlies je ook een deel van jezelf. Je zet een deel van jezelf buiten werking. Door je af te sluiten voor pijn, sluit je je ook af voor andere gevoelens. Terwijl je je gevoelens nodig hebt om te weten hoe het met je gaat. Sluit je je af voor je gevoelens, dan blokkeer je een belangrijke informatiebron. Als je in je leven situaties hebt meegemaakt die pijnlijk waren, is er een grote kans dat je uit de situatie bent gestapt om de pijn niet te voelen. Maar door die actie ben je ook gedeeltelijk ‘gehandicapt’ geraakt. Het ontkoppelen zorgt er ook voor dat je mooie gevoelens niet meer optimaal kunt voelen. Je angst voor pijn zorgt er ook voor dat je plezierige gevoelens niet meer helemaal kunt toelaten. Als je durft terug te gaan naar die moeilijke situatie en die pijn durft te (door)voelen, zul je merken dat je na deze stap opgelucht bent en beter in staat bent om positievere gevoelens (beter) binnen te laten komen. Door open te staan voor de moeilijke gevoelens en die te ervaren start je in feite het ‘verteringsproces’ op: je lichaam en je geest verteren wat tot dan toe niet verwerkt was en wat blokkerend heeft gewerkt. Als het verteerd is, is er ruimte gecreëerd om alle gevoelens beter te ervaren. Je emoties gaan niet meer ‘onverwacht’ met je aan de loop.