Het komt voor dat je moeilijke gesprekken moet voeren, waarbij het een uitdaging is om dat wat in je leeft, wat je voelt, wat je vindt over te brengen op de ander. Soms voel je dat er zo’n grote afstand is in achtergronden, waarden, beleving, ervaringen dat dat wat je zegt niet ‘landt’. De kloof is groot en je bereikt elkaar niet of nauwelijks. Dit is pijnlijk. En je voelt de onmacht bij jezelf en mogelijk ook bij de ander. Hoe je je ook inzet je boodschap komt niet over of wordt anders geïnterpreteerd. Juist door je gevoelens van teleurstelling, onmacht kun je ‘rare dingen’ gaan doen. Je voelt je machteloos en wilt dat niet onder ogen zien en je gaat je pijn externaliseren. Je gaat jezelf herhalen mogelijk met nog meer woorden en/of met een harder stemgeluid. Of je gooit het over een andere boeg en uit je frustraties en je teleurstellingen in de vorm van verwijten. Helaas helpen deze wanhoopsacties je niet om de ander te bereiken. Integendeel, je raakt een gevoelige snaar bij de ander en die komt ook op zijn/haar eigen manier in actie. Als je voelt dat je de ander niet met (de) woorden kunt bereiken, stop dan op tijd. En geef toe – zonder iets of iemand iets te verwijten! – dat je niet in staat bent om over te brengen wat je over wilt brengen. En dat je dat jammer vindt. Blijf niet in je gevoel van onmacht hangen en kijk of je het gesprek kunt afronden met woorden over wat je waardeert in de ander. En benoem de ervaringen/situaties met de ander waar je met plezier op terugkijkt. Het is belangrijk dat de ander en jijzelf na je ‘kloof- en onmachtgevoelens’ zo goed mogelijk uit elkaar gaan. Sans rancune. Zonder verwijten.