Je bent geboren met in je de aanleg om te weten wat je moet doen, wat goed voor je is. En tegelijkertijd is er die hardnekkige weerzin om juist niet naar die innerlijke stem te luisteren. En is er de neiging om zo weer te vergeten wat goed voor je is. Door deze tegenstrijdigheid loop je het risico om niet te doen wat goed voor je is. Met dit gegeven moet je rekening houden. In je dagelijkse leven komen er allerlei prikkels, verleidingen op je af. Die leiden je af van wat je – diep van binnen – wilt. Je wordt naar buiten getrokken, naar zaken die eigenlijk niet echt relevant zijn. Je wordt van je binnenwereld – waarin de kennis zit die je aangeeft wat goed voor je is – weggetrokken naar buiten. Daar is van alles wat een beroep doet op je eergevoeligheid. Op je behoefte om gezien te worden, op je behoefte om van je te laten horen, op je behoefte om invloed uit te oefenen. Op de drang om controle te houden. Voordat je het weet ben je daar mee bezig en vergeet je dat waar het je werkelijk om gaat. Waarden en waarheden die pas echt belangrijk zijn. En dat zijn de dingen die niet tastbaar zijn. Die niets met materie van doen hebben. Dat zijn de zaken die niets met eer, macht, lust of bezit te maken hebben. Je waarden en je waarheden moeten – verschillende keren per dag – herhaald worden. Je moet ze herinneren, want je vergeet ze anders. Ook al herhaal je ze meerdere keren per dag, ze glippen zo door je vingers omdat er constant afleiding is. Jouw basale levensprincipes moeten herhaald worden. En jij bent de enige die dat kan doen. Je herhaalt ze om ze niet te vergeten, maar ook om ze tot je door te laten dringen. Sommige zaken moeten herhaald worden om ze echt in alle facetten van je leven te kunnen laten landen en toe te passen.