Misschien ken je hem goed: de innerlijke stem die kritisch staat ten opzichte van wat je doet. Die zich afvraagt of je iets niet anders, beter aan kunt pakken. Die een uitstekend oog heeft voor datgene wat nog niet goed loopt. De stem zorgt ervoor dat je je onveilig, nerveus en onzeker voelt. De stem die je intuïtie en je innerlijke gesteldheid, je gemoedsrust jn de war gooit. Je kritische stem kan waardevol zijn als die opbouwende, constructieve feedback geeft om jezelf te verbeteren. Je kritische stem kan beter zijn/haar stem niet laten horen als de innerlijke criticus alleen vergif strooit, afbrekende kritiek laat horen. Die kritiek is immers nutteloos en brengt niets goeds teweeg, alleen een slecht gevoel. De innerlijke criticus met zijn/haar negatieve commentaar kun je niet zomaar in de hoek zetten, negeren. Dat werkt niet. Wat wel kan, is dat je hem/haar rustig aan het woord laat. Laat maar komen en luister. Verzet je niet tegen datgene wat er gezegd wordt. Reageer er niet op. Bedank de criticus en ga door met waar je mee bezig was. Laat de criticus komen en laat hem/haar weer gaan. Je zult merken dat als je de stem de ruimte geeft en ernaar luistert zonder dat je iets met de boodschap wilt, het opeens een stuk rustiger wordt. Omdat je er niet tegen of mee vecht hoeft ie niet zo groot te worden en boezemt ie je geen angst in. Laat je kritische stem doen wat ie doet – kritiek geven – en laat je er niet door in de luren leggen.