Je komt een ander tegen die labiel is, misschien wel depressief, die zichzelf en het leven niet van waarde acht. Het kan zijn dat je het isolement dat de ander voelt moeilijk kunt bevatten. Omdat de ander in jouw beleving alles voorhanden heeft wat hem of haar gelukkig kan maken. Intelligentie, vaardigheden, talenten, een mooi gezicht, een puik figuur, een mooi huis, fijne mensen om zich heen, voldoende geld etc. Je denkt: waarom maak je niets van je leven. Waarom pak je jezelf niet aan? Waarom zie je niet wat er is? Waarom kun je niet tevreden zijn met wat er is? Je kunt je hulp, je steun aanbieden. Je kunt jouw inzicht in de situatie en in de oplossing delen. Maar alleen als de ander daar ontvankelijk voor is, open voor staat, kan er iets gebeuren. Maar als de ander niet wil of kan luisteren naar wat je zegt, dan ben je machteloos. De ander heeft de regie over zijn/haar leven en heeft een hoge mate van autonomie. Je bent dus in principe niet in staat om het leven van de ander te redden. Alleen als de ander wil, kan hij/zij jouw uitgestoken hand vastpakken. Maar dat is een besluit van de ander. Wil niet iets wat niet kan. Je kunt de ander niet ‘redden’ als die dat zelf niet wil. Haal dat maar uit je hoofd.