Heb je de behoefte om kritiek te leveren, haal dan een paar keer diep adem voordat je van wal steekt. In het algemeen staat de ander niet open voor kritiek. Hoe goed bedoeld en hoe waar dan ook. De primaire reactie is vaak dat de ander zich afsluit of gaat verweren als er kritiek in de lucht hangt. En jij zult dan de neiging krijgen om datgene wat je over wilt brengen nog krachtiger naar voren te brengen. Hierdoor zal de ander nog meer de neiging krijgen zich te verweren of af te sluiten. Dat werkt dus niet. Als je wilt dat er geluisterd wordt naar wat je te zeggen hebt, is het verstandig om het anders aan te pakken. En even na te denken hoe je het zo kunt brengen dat de ander wel ontvankelijk zal zijn. De ander zal ontvankelijk zijn als je eerst aangeeft wat plezierig is, wat goed gaat, waar je respect voor hebt. Pas als je dat gedaan hebt, heb je in feite een bedding gecreëerd om suggesties te mogen doen. Dan kun je je kritiek ook ombouwen naar concrete suggesties die daadwerkelijk haalbaar zijn voor de ander. Als je je suggesties doet, is het ook fijn om je concrete ondersteuning aan te bieden. Als je immers in staat bent om te signaleren wat niet goed gaat, ben je hoogstwaarschijnlijk ook in staat om datgene wat zou moeten gebeuren ook daadwerkelijk in de praktijk te brengen. Geef dus niet alleen suggesties, maar bied ook je concrete hulp aan bij het uitvoeren van de suggestie. Het is immers goed mogelijk dat jouw suggestie nog nooit in de ander is opgekomen. En dat de ander geen flauw idee heeft hoe jouw suggestie ingevoerd kan worden. Sommige dingen zitten soms gewoon niet in iemands ‘repertoire’. Bied dus je hulp aan en je zult merken dat de ander in de meeste gevallen dolblij is met je voorstel.