Slapen is een heerlijke activiteit. Je vergeet alles en je bent in een andere wereld. Moeilijkheden, perikelen, twijfels en zorgen zijn uit het vizier. Het is logisch dat je jezelf in het dagelijkse leven – als het even kan – in slaap brengt en houdt. Er zijn heel wat middelen voor handen om te zorgen dat je (even) niets hoeft te voelen. En er zijn middelen om je (tijdelijk) zelfs plezier te geven, terwijl dat niet je gemoedstoestand is. Je kunt jezelf lekker laten voelen, terwijl dat gezien je situatie niet voor de hand ligt. Het is heel menselijk dat je er veel voor over hebt om je lekker te voelen. De maatschappij werkt daar op alle terreinen flink aan mee. Leuk en lekker leven zijn in dit tijdsgewricht bijna normale doelen geworden. Door je zelf in een slaaptoestand te brengen, geef je jezelf de permissie om niets te hoeven doen. Je hoeft niet naar jezelf te kijken, je hoeft niets onder ogen te zien, je sluit je welbewust voor alles af. Je houdt als individu van slapen. Maar ook organisaties, regeringen etc. houden ervan om te doen alsof er niets aan de hand is. Alsof het allemaal goed komt. Je wordt voortdurend gerustgesteld. En je bent ook bezig om de ander gerust te stellen. Je sust jezelf en de ander in slaap. Het loopt zo’n vaart niet. Dat is wat je over wilt brengen, ook naar jezelf. Je stopt je kop in het zand. Maar de geschiedenis laat iets anders zien. En ook in je persoonlijke leven weet je dat het niet werkt. Je kunt niet doen alsof er niets aan de hand is en de problemen ontkennen; ze komen dan – als een boemerang – pijnlijker en harder terug. Veranderingen, soms door middel van pijnlijke, ingrijpende gebeurtenissen, zijn niet tegen te houden. Als je ze tegenhoudt door jezelf en de ander in slaap te sussen dwingt het leven ze af. En dat is pijnlijker en meer confronterend dan wanneer je de verandering zelf in werking zet. Schud jezelf wakker. Hou jezelf wakker. Gooi je ‘slaapmiddelen’ weg. Hou jezelf niet voor de gek en zie de realiteit onder ogen. En doe wat je te doen staat.