In je leven maak je meerdere malen mee dat je iets kwijtraakt wat je dierbaar is, iets verliest wat kostbaar is. Dat iets fiks tegenvalt, dat je een grote teleurstelling te verwerken krijgt. Als je doet alsof verlies je niets doet, lieg je tegen jezelf, tegen de ander. Erken en doorvoel dat verliezen moeilijk is. Stel voor jezelf vast wat je verloren hebt en waar je afstand van moet doen. Kijk welke les je er voor jezelf uit kunt trekken. Had je iets anders kunnen doen? Had je iets moeten laten? En sluit dan het hoofdstuk af. Het hoofdstuk afsluiten betekent dat je je verlies neemt, accepteert. Het betekent niet dat je nooit meer terugdenkt, dat je geen herinneringen ophaalt. Het betekent wel dat je weet dat wat was niet meer terugkomt en dat spijt hebben, terug willen naar hoe het was, zinloos is. Als je je verlies niet echt neemt of accepteert en je treurt lang, dan houd je in feite de ander, de situatie of het ding vast. En door vast te houden aan wat ooit was, blijft dat tussen jou en je toekomst in staan. Je blijft hangen aan wat was en kunt geen stap voorwaarts zetten. Als je vasthoudt aan dat wat was, laat je het heden en de toekomst zien dat je het lastig vindt om verder te gaan. En kom je ook niet verder.