Als je kritiek krijgt is je eerste reflex dat je jezelf beschermt door middel van afwerend gedrag. Door je afwerende reacties verbreek je het contact en voelt de ander zich niet gehoord. Je zet als het ware een muur tussen jou en de ander. Je verdedigt je door een ja-maar of je gaat in de aanval, negeert de kritiek, je zwijgt of loopt (innerlijk) weg. Andere mogelijkheden zijn bagatelliseren, de ander kleineren of terecht wijzen of sussen. Door dit gedragen komt de feedback niet binnen en ontwikkel je je niet. Je gaat over tot de orde van de dag. De ander ziet dat je niet openstaat en gaat of proberen via een krachtiger manier zijn/haar feedback aan je te geven of besluit om geen energie meer in je te steken. In beide gevallen kom jij niet verder. De kunst is om wel contact te houden. Door open te staan, interesse te tonen, te stimuleren dat de ander meer vertelt, voorbeelden geeft. Je kunt ook aangeven wat de feedback met je doet: het komt onverwacht, je schrikt, je begrijpt niet waar het over gaat enz. Als je openstaat voor wat de ander te zeggen heeft en wilt weten wat de ander waarneemt kan de ander je informatie geven die waardevol is. Mogelijk valt het kwartje niet meteen maar kun je in een later stadium wel wat met de feedback.