Hoe is het toch mogelijk dat je iets doet wat je niet wilt. Dat je niet doet wat je beweert, zegt. Dat komt omdat er meerdere personages in jou actief zijn. Je hebt een verstandige kant die nadenkt over de effecten van je uitspraken, je besluiten. Dat kun je je volwassen ik noemen. Die denkt na over gevolgen op de lange termijn. Die doordenkt hoe iets uitpakt op jezelf, op de ander, op de omgeving. Je hebt ook een kinderlijke ik in je. Die kan niet wachten, die denkt niet na en doet. Je kinderlijke ik wil zijn/haar zin, wil zijn/haar behoeften meteen vervuld zien. Als je je kinderlijke ik toestaat een actieve rol te spelen, sta je toe dat je je ogen sluit voor langetermijneffecten. Dan weet je op voorhand dat je je waarden niet naleeft, dat kortetermijnwinst, plezier voorrang krijgen boven duurzaamheid, stabiliteit en rust. Wie heeft het bij jou voor het zeggen? Geef je het spontane, impulsieve, ongeduldige en egoïstische kinderlijke ik vrij spel? Met op korte termijn veel ontspanning en plezier? En op langere termijn brokken, kosten? Of roep je het kinderlijke ik tot de orde door toe te spreken of – als het beter werkt – te negeren, en geef je je volwassen ik de regie? Dat kan meer last geven op korte termijn. Moeilijke gesprekken, lastige keuzes, meer gedoe, onbegrip. Maar je boekt betere resultaten op de langere termijn. Gedraag je als een volwassene. Gebruik je verstand. En geef het kind, de kleuter geen ruimte. Meer kans dat je dan leeft volgens je innerlijke waarden. En dat wat je van binnen vindt ook daadwerkelijk naar buiten toe vorm en inhoud geeft.
Het innerlijke kind is hier wel heel negatief neer gezet.