De laatste jaren wordt er in organisaties steeds meer uitbesteed. Bepaalde taken, specifieke activiteiten worden door een ander gedaan. Het heeft tot doel minder kopzorgen te hebben. Soms blijkt dat het toch niet werkt om dingen uit te besteden en kiest men ervoor om het toch zelf te doen. Omdat de kwaliteit dan beter is, het proces sneller verloopt of omdat men merkt dat het gewoon niet werkt om het een ander te laten doen. Het bedrijf pakt dan de verantwoordelijkheid zelf weer op en ervaart dat dit beter is. Dit proces van uitbesteden van taken en verantwoordelijkheden ken je ook als mens. Er is iets wat in feite op jouw bordje ligt, maar waar je geen zin in hebt. Je gaat op zoek naar iemand die het voor je gaat doen. Die het lastige klusje voor je opknapt zonder dat het jouw energie en hoofdbrekens kost. Uitbesteden gebeurt meer dan je denkt. Je doet het als je de ander iets verwijt maar niet naar je eigenlijk aandeel wilt kijken. Je dumpt de ‘schuld’ in zijn geheel bij de ander. Je doet het als er werk verdeeld moet worden en jij houdt je stil als de vieze, moeilijke, oneerbare karweitjes worden verdeeld. Je laat dat aan een ander over omdat je er geen zin in hebt. Je voelt je niet goed en je laat dat in het contact met de ander aan alle kanten merken. Je vergiftigt in feite de sfeer. En je vindt dat dat wel mag, want je voelt je niet plezierig. Je vindt dat de ander je moet oppeppen, aandacht aan je zou moeten geven. Je legt iets bij de ander wat in feite in jouw handen moet liggen. Er wordt een financiĆ«le bijdrage aan iets gegeven. En je verzint allemaal redenen (smoezen) waarom jij geen bijdrage of een mindere bijdrage hoeft te geven. Als jij geen gelijkwaardige bijdrage wilt geven, zadel je in feite een ander op met iets wat tot jouw verantwoordelijkheid hoort. Je probeert problemen ‘op te lossen’ door een ander de schuld te geven van jouw situatie. Het uitbesteden van taken die jij zou moeten oppakken, van verantwoordelijkheden die echt bij jou horen, maakt je geen geliefd persoon. De ander voelt zich in jouw aanwezigheid niet senang omdat hij/zij voelt dat hij/zij een aap van jou op de schouders kan krijgen. Besteed niet uit wat bij je hoort, waar je verantwoordelijk voor bent. Wat bij jou hoort, hoort bij jou. Zadel een ander er niet mee op, want die zal zich gebruikt voelen. Pak op wat bij jou hoort, wat je aandeel is en je zult merken dat je slagvaardigheid toeneemt omdat je doet wat bij jou hoort. Leg je het bij een ander neer, dan maak je je afhankelijk van de ander en dan stagneer je.