Je mond open doen en zeggen wat je denkt, voelt of wilt, lijkt niet zo moeilijk. De praktijk wijst anders uit. Vaak zeg je niet wat je werkelijk denkt of voelt. Er zijn immers veel redenen om het niet te doen. Angst voor de reactie van de ander. Angst voor afwijzing. Angst om de ander te kwetsen. Of misschien gun je de ander geen compliment of een blijk van waardering. De uitdaging is om uit te spreken wat je voelt, wilt, verwacht, ongeacht wat de ander daarvan vindt. Het zorgt ervoor dat er niets onnodigs tussen jou en de ander in staat. Als je je niet uitspreekt, is dat wat je niet naar buiten brengt een obstakel tussen jou en de ander. Wees oprecht en zeg wat je denkt, voelt. Je uitspreken heeft puur als doel om dat te delen wat in je leeft. Zorg ervoor dat je geen andere (verborgen) agenda hebt. Bijvoorbeeld medelijden opwekken. De ander overtuigen van jouw mening. Of de ander een schuldgevoel geven. Voorkom de valkuil dat je de ander de schuld geeft van jouw gevoelens. Alles wat de ander zegt of doet en wat jou raakt, zegt immers niets over de ander. Alleen maar wat over jou. Als je je oprecht uitspreekt, heeft de ander ook een kans hetzelfde te doen. En hoor je wat er in hem/haar leeft. Het kan je nieuwe inzichten geven. En jeĀ  kuntĀ  samen een stap verder komen. Trek ook je mond open naar jezelf. Spreek uit wat je ziet, wat je vindt. Zet je masker ook voor jezelf af. Draai jezelf geen rad voor ogen. Erken je fouten. Benoem je eigenaardigheden. Door je mond open te trekken naar jezelf, accepteer je dat je niet perfect bent. Dit geeft veel rust.